26-03-10

Schermutseling in Rummen tussen de Brigands en het Franse leger

Na hun nederlaag bij Hasselt op 5 december 1798, bleven de Hagelandse Brigands de republikeinse gezagsdragers en de Franse troepen treiteren met kat- en muis-spelletjes. Ze opereerden in de grenszone tussen het Dijledepartement (Brabant) en het departement  van de Nedermaas (Limburg). Vooral de streek rond Geetbets vormde dikwijls hun uitvalsbasis. Hier bericht kantonscommissaris Coenen over dergelijke schermutseling op 31 december 1798.

Commissaris Coenen van Zoutleeuw aan departementscomissaris Mallarmé, 31 december 1798

Tienen, 11 novose jaar 7 (31 december 1798)

400 man zijn vorige nacht in de hoofdplaats van mijn kanton aangekomen. Ze kwamen van Herk in het departement der Nedermaas. Ze zijn om 7 uur vanmorgen vertrokken. Reeds om 9 uur werd de achtervolging ingezet. Er is contact gemaakt met de Brigands in de bossen van Rummen. Op het moment dat men mij geschreven heeft vanuit Zoutleeuw, is er musketvuur gehoord. Na het diner heb ik een tweede brief ontvangen, die mij toevertrouwde dat het vuur volledig opgehouden is, zonder dat men kan zeggen wat de afloop van de schermutseling is. Niettegenstaande denk ik u de zekerheid te kunnen geven dat de republikeinse troepen de overwinning hebben behaald, zonder nochtans u te kunnen zeggen of de Brigands gevangen zijn genomen. Het vuur was niet hevig en heeft niet lang geduurd, hetgeen mij doet vrezen dat de Brigands de mogelijkheid hebben gevonden om zich in veiligheid te stellen, temeer daar ze gebivakkerd zijn op 300 à 400 bunders in het bos van Raspe (?).

Morgen zal ik op de hoogte gesteld worden van deze zaak, als dit tenminste uw aandacht verdient. Ik zal u weldra het aantal Brigands overmaken. Daarover bestaat onzekerheid, de publieke opinie spreekt van 1000 man, maar een brief die ik van de municipaal agent van de gemeente Rummen heb ontvangen, spreekt van 300 à 400 man.

Groet en Broederlijkheid

Coenen

12:21 Gepost door Hagelandia in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boerenkrijg, geetbets, brigands, directoire, rummen |  Facebook |

20-03-10

Doodsbedreigingen aan de kantonscommissaris van Zoutleeuw

Hoewel de Boerenkrijgers op 5 december 1798 bij Hasselt vernietigend verslagen waren door de Franse troepen, bleef nog lange tijd een verzetshaard smeulen in het Hageland. Geen spectaculaire feiten, maar schermutselingen, uitdagen en afdreigen van republikeinen, kat- en muisspelletjes met de Franse troepen.

Hier beschrijft commissaris Coenen van Zoutleeuw éen van die incidenten op 14-15 december. Hij overdrijft sommige dingen, om zichzelf in een beter daglicht te plaatsen. Zo schrijft hij dat hij zich in de voorhoede van de Franse troepen bevindt (ja, ik ben ijverig en moedig).

Hij zegt dat de brigands alle Franse ambtenaren die in hun handen vallen vermoorden. Dat is niet waar. Bij mijn weten was dit tijdens de Boerenkrijg zeer uitzonderlijk. Er werden wel geïsoleerde moorden bedreven door boerenkrijgers, maar die mogen niet veralgemeend worden. Dit behoort natuurlijk tot de Franse propaganda en is altijd aanwezig in een oorlogssituatie, het demoniseren van de tegenstander. Ook de Boerenkrijgers deden dit natuurlijk.

Hoewel de boerenkrijgers Coenen expliciet bedreigen in een affiche op zijn deur, schrijft hij dat hij daardoor niet bang gemaakt wordt. Dit is natuurlijk een flagrante loochening van zijn eigen gedrag, vermits hij naar Tienen vlucht. Trouwens, bij elk optreden van de brigands, kiest de commissaris van het Directoire vliegensvlug het hazenpad. Hij schrijft zelf aan zijn superieur dat hij voor de zesde maal moet vluchten. Dit getuigt niet bepaald van moedig gedrag, en dat zullen ze in Brussel ook wel geweten hebben.

Verslag van Coenen, kantonscommissaris van Zoutleeuw aan Mallarmé, commissaris van het Dijledepartement, 26 frimaire jaar 7 (16 december 1798)

In mijn brief van 13 december, Burger, heb ik u aangekondigd dat de Brigands zich in het Hageland verzamelen. Deze pest heeft reeds 's anderendaags (14 december) toegeslagen, als ze ten getale van 400 opgedaagd zijn in Geetbets. Ik werd daarvan op de hoogte gebracht door de adjunct van die gemeente, waarna ik mij spoorslags naar Tienen begaf om generaal La Croix te waarschuwen, die alle voorzorgsmaatregelen nam, 

Op 15 december zijn we om 8 uur 's morgens met een voldoende grote macht vertrokken. Ik behoorde tot de voorhoede, begeleid door een officier en een jager te paard. Toen we in Zoutleeuw aankwamen, vonden we alle deuren en vensters gesloten. Alen die doorgaan voor republikeinen, waren weggevlucht. Ik doe navraag en klaarblijkelijk zijn de Brigands reeds in Budingen. Wanneer de hoofdmacht arriveert, maken ze onmiddellijk mars naar die plaats. Ze sturen op de rechter- en linkerflank troepen. De rechterflank die door de Sint-Truidense Poort trok, werd aangevallen door de Brigands, ter hoogte van Ossenberg voor Zoutleeuw. De Brigands trokken zich terug in de bossen van Duras, die de troepen vervolgens doorzochten. Intussen hadden de Brigands via Wilderen de vlucht genomen naar Hallemael in het Departement Nedermaas, kanton Montenaken. De Franse troepen hebben gelogeerd voor Zoutleeuw om de volgende dag naar Tienen te vertrekken. 

U kan gemakkelijk zien, Burger, dat ik voor de zesde maal mijn domicilie met mijn familie moet verlaten. Ik kan nauwelijks twee dagen bij mij thuis blijven, of de helse bende duikt weer op en verplicht mij te vluchten, met achterlating van de gewapende macht. Ik kan mij onmogelijk in mijn kanton vestigen, zonder omringd te zijn door de gewapende macht. Op het moment waarop ik u schrijf, heeft elke gezagsdrager zijn woonplaats verlaten, vermits de Brigands zich op verschillende plaatsen in mijn kanton bevinden. Hun plan is huiveringwekkend: ze fusilleren elke functionaris die in hun handen valt. Vooral ik ben bedreigd omdat ze zeggen dat ik tot drie maal toe aan het hoofd heb gestaan van de troepen die hen opjagen. Ze hebben zelfs op mijn deur volgende inscriptie aangeplakt:

"Zolang er een Brabantse patriot bestaat, zal er geen genade bestaan voor meneer Coenen, die zich met de titel van burger commissaris du Directoire exécutif tooit. Bij zijn dood zal elk republikanisme verdwijnen in het eerbare kanton van Zoutleeuw."

Deze affiche heeft me helemaal geen angst aangejaagd, maar het voorbeeld van de moorden die ze bedrijven, heeft me ertoe aangezet om mijn domicilie in Tienen te vestigen. Ik ben ervan overtuigd dat, als men troepen in de vier kantons van Zoutleeuw, Glabbeek, Bautersem en Scherpenheuvel zou onderbrengen, binnen de maand het brigandisme volledig beëindigd zou zijn.

Groeten en broederljkeheid,

Coenen

Bronnen

Rijksarchief Anderlecht, Dijledepartement, nr. (nog op te zoeken)

De republikeinse gezagsdragers moeten het leger helpen

Het centrale bestuur van het Dijledepartement was eind 1798 ontstemd over de lafheid van de gemeentelijke bestuurders, die wegvluchtten bij het naderen van het republikeinse leger. Was dit omdat ze heimelijke sympathieën haden voor de Boerenkrijgers, of omdat ze bang waren voor represailles van de brigands, als ze het Franse leger hielpen, of omdat ze opzagen tegen de geweldige rompslomp en verstoring van het dagelijks leven, die het verzorgen, voeden en inkwartieren van soldaten met zich meebracht?

VRIJHEID                                                     GELIJKHEID                                                                                                             

-----------------------------------------------------------------------------------------------

De Centrale Administratie van het Dijledepartement

 Ons is ter ore gekomen dat municipale agenten en adjuncten in de plattelandsgemeenten van dit departement zich verschuilen bij het naderen van de troepen, hetgeen verhindert om hen ordelijk in te kwartieren en hen van de nodige levensmiddelen te voorzien, en de uitvoering verhindert van de bevelen van de militaire chefs en commandanten ;

Overwegende dat een dergelijk gedrag zeer laakbaar is, omdat ze de militaire operaties bemoeilijkt en de burgers aan zeer zware ongemakken en overlast onderwerpt,  et dat het dringend is daaraan te verhelpen;

Overwegende dat het de plicht is van elke openbare ambtenaar om in dergelijke omstandigheden op zijn post te blijven, vooral wanneer een beschermende krijgsmacht zijn intrede doet in een gemeente;

Gezien zijn besluit op datum van gisteren, dat aan de municipale agenten en adjuncten oplegt om, onder hun verantwoordelijkheid, de militaire chefs te instrueren omtrent de gang en het naderen van de Brigands;

Gehoord de commissaris van het Direcoire exécutif;

BESLUIT:

1)       Het wordt uitdrukkelijk verboden aan municipale agenten en adjuncten om hun post te verlaten bij het naderen van het republikeinse leger.

2)       Het wordt hen opgedragen om, van zodra een legerkorps in hun gemeente arriveert, de organisatie van de inkwartiering te regelen, alsook de nodige levensmiddelen ter hand te stellen, en de militaire chefs bij te staan in de uitvoering van de maatregelen en operaties, waarmee ze belast zijn, en waarvoor hun interventie nuttig wordt geacht;

3)       Zij die zich verschuilen en weigeren deze plichten op zich te nemen, zullen aangeklaagd en vervolgd worden als wetsovertreders en medeplichtigen van de Brigands;

4)       De militaire chefs wordt toegestaan om ten huize van hen een gewapende macht te logeren, die op hun kosten zal onderhouden worden;

5)       De Commissarissen van het Direcoire exécutif bij de municipale administraties zullen toezien op de uitvoering van dit besluit, en zullen de agenten en adjuncten die deze beschikkingen overtreden, aangeven bij deze administratie;

6)       De bevelvoerende generaals en militaire commandanten worden uitgenodigd om van hun kant diegenen aan te wijzen die zich verschuilen of weigeren hun functies te vervullen;

7)       Dit besluit zal gedrukt worden op een voldoende groot aantal exemplaren om, door de inzet van de commissarissen bij de municipaliteiten, verdeeld te worden aan elke municipale agent en adjunt; het zal gestuurd worden naar de bevelvoerende generaal van het departement;

Besloten ter zitting in Brussel, op 6 nivose jaar 7 (26 december 1798)

Aanwezig de burgers ANNEMANS, voor de voorzitter; VAN HELMONT;  D' ELDEREN; GLIBERT, bestuurders.; MALLARME, commissaris van het Direcoire Exécutif. en VAUTHIER, secretaris-generaal.

_________________________________________________________________________________

 Brussel, Drukkerij TUTOT, Naamse Straat, Nr. 940.

 

De boerenkrijgers persen de agent van Geetbets af

We hebben reeds gesproken over de Boerenkrijg in het kanton Zoutleeuw: Boerenkrijg in het kanton Zoutleeuw. Hoe de brigands eind november 1798 na hun nederlaag bij Diest afdropen naar de dorpen rond Zoutleeuw, waar ze zich hergroepeerden om naar het departement Nedermaas (Limburg) op te rukken. Ze gedroegen zich driest en bedreigden republikeinse gezagsdragers. Coenen, de kantonscommisaris van Zoutleeuw, voelde zich machteloos, omdat hij te weinig troepen had. Hij was gevlucht naar Tienen omdat hij zich niet veilig voelde.

Op 2 december ontving de municipale agent van Geetbets een afpersingsbrief van de brigans, waarin deze de betaling van 500 gulden eisten. Deze brief werd overgemaakt aan commissaris Coenen, die hem liet vertalen en overmaken naar Brussel.

Kopie van de requisisite door de commandant van de baanstropers aan de municipale agent van Geetbets

Wij bevelen aan de agent van de gemeente Geetbets, om zeven uur vandaag 500 gulden te komen betalen, die u zal overhandigen aan de schatmeester, die gelogeerd is bij Baas Arnauts, waarvan u behoorlijk kwijtschrift zal bezorgd worden bij order van de comandant van het vaderlandse volk. In geval van niet-betaling tegen die tijd, zal men u als rebel beschouwen en uw verdiende straf ondergaan ...Geresolveerd in het hoofdkwartier in Geetbets.

2 december 1798, ondertekend door de commandant, Van Haesendonck.