27-02-13

Voorbeeldvonnis van de Drossaard van Brabant

Zoals gezegd was de Drossaard van Brabant niet alleen politieofficier, maar ook rechter, bevoegd voor alle zaken rond 'vagabondage' op het Brabantse platteland. Wat deze term, waarlijk een obsessie van de elites tijdens het Ancien régime, vooral vanf de 16de eeuw, betekende, zullen we later specifieker bestuderen. Men dient hem als een rechtsterm, als een juridische constructie te beschouwen, een avatar van de schier eindeloze wetten en plakkaten tegen het 'vagabonderen'. Enkel dit: de repressieve aanpak van de regering had geen enkel besef van de economische en demografische omstandigheden, zoals verpaupering, bevolkingsgroei en proletarisering, waardoor een gigantisch arbeidsoverschot ontstond, die aan de basis lagen van het sociaal fenomeen van de vagebond.

Dit is een voorbeeld van een vonnis door het officie of de rechtbank van de Drossaard van Brabant in een zaak van simpele vagabondage door een vreemdeling, een zekere Joannes Tallaert, afkomstig uit Wesel, ten noorden van Düsseldorf, die in het gezelschap van drie vrouwen, waarvan één zijn echtgenote blijkt te zijn, op 19 juli 1782 in Berlaar aangehouden werd. Hij werd op 23 augustus 1782 in Brussel door de rechtbank van de Drossaard veroordeeld tot eeuwige verbanning uit de Zuidelijke Nederlanden. Indien hij zou terugkeren in de Nederlanden, hetgeen 'banbreuk' werd genoemd, riskeerde hij gegeseld te worden, alvorens opnieuw voor 'eeuwig' verbannen te worden. Eeuwige verbanning was de meest uitgesproken straf inzake simpele vagabondage. Maar het is gemakkelijk te begrijpen dat men door dit systeem het probleem verschuift. Men dumpt de 'sociale gevallen' (zoals gedefinieerd door de elites) in de buurlanden, die dan met het probleem zaten, bv. het prinsbisdom Luik.

Gezien door ons Raeden van Sijne Majesteijt assesseur voort Officie van den Drossaert van Brabant, de Informatien, Examinatie ende personnele antwoorden van den Gevangenen seggende genoemt te worden Joannes Tallaert ende gebortigh te sijn van Wesel, die devoiren van thoon van Officie weghen aengewend binnen de stad Lier ende de Prochie van Contich, de naerdere examinatie des Gevangenen van den 22. Deser maend augusti ende alle voordere devoiren soo ’t sijnder ontlastinge als belastinge, op alles wel ende reijpelijck geleth recht doende ter maenisse ende Interventie als President van ...(hier volgt de ronkende, eindeloze titulatuur van graaf Van der Stegen, Drossaard van Brabant).

Wij hebben den voorn. Gevangenen om soo door eijgene bekentenissen als de devoiren van thoen ten processe gedaen genoegsaem overtuijght ende overwonnen te wesen van vergeselschapt van drije andere vremde vrouwpersoonen waervan hij deene seght sijne vrouwe te wesen, binnen dese Nederlanden sonder behoorelijcke paspoort, sonder geldt ende destinatie geloopen ende gevagabondeert te hebben, sijnde als dusdanighen bevonden ende gearresteert geweest binnen de Prochie van Berlaer den 19 der maend Julij van desen jaere 1782 alles breeder ten processe gemelt

Gebannen gelijck wij hem bannen mits desen voor Eewelijck uijt alle de Landen van Sijne Majesteijt binnen dese Nederlanden, met order van deselve te ruijmen binnen den derden daeghe seijnder relaxatie ende verbod van daerinne meer weder te keeren op pene van geeschelinge, condemneren hem in de Costen ende miesen van Justitie t’ onser behoorelijcke taxatie ende moderatie, aldus gedaen ende gevonnist binnen Brussel den 23 augusti 1782, ondertekent... (hier volgen de namen van de rechters-bijzitters en de griffier).

Bron: RA Antwerpen, Oud Gemeentearchief Berlaar, nr. 5.

Uit dit vonnis blijkt dat de Drossaard zelf, graaf Van der Stegen, ofwel niet aanwezig was op de rechtszitting, ofwel dat zijn aandeel in de rechtspleging zich beperkte tot het geven van berispingen, zoals het een goede rechter of burgervader betaamt. Inderdaad, naar het einde van het Ancien Régime toe ging de Drossaard zich meer toeleggen op de leiding van zijn korps en zijn politionele taken. De eigenlijke rechterlijke taken van instructie, het ondervragen van de gevangenen, het verzamelen van bezwarend materiaal (maar ook bewijzen à décharge van de beschuldigde, zoals uit de tekst blijkt) en de uiteindelijke veroordeling en het bepalen van de strafmaat kwamen meer en meer bij de rechters-bijzitters te liggen. Hier moet speciaal melding gemaakt worden van de bijzitter de Hauregard, een jurist die wegens zijn hoge leeftijd in 1768 vrijgesteld werd van alle lasten verbonden aan zijn functie (zoals het verhoren van de beschuldigde), behalve bij het vellen van de tussen- en definitieve vonnissen. De grijsaard de Hauregard werd in 1776 op pensioen gesteld, met volledig behoud van zijn wedde. De advocaatt Van der Noot, de latere conservatieve voorman van de Brabantse Revolutie had de Hauregard reeds in 1767 vervangen als bijzitter in een zaak van kerkdiefstal. Een bijzondere vermelding verdient de greffier van het Officie van de Drossaard, de heer Van Boom. Zijn naam heb ik al dikwijls tegengekomen. Blijkbaar was hij de contactpersoon voor de lokale besturen bij de Drossaard in Brussel.

Bron: Een excellente schets van de juridische techniciteit van de rechtbank van de Drossard geeft A. DEROISY, Juridictions particulièrs chargées des poursuites contre les vagabonds dans les Pays-Bas autrichien au XVIIIe siècle, in : La Belgique rurale du moyen-âge à nos jours, Brussel, 1985, p. 295-304.

 

12:56 Gepost door Hagelandia | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

goed artikel zeg bedankt

Gepost door: letselschade amersfoort | 29-12-14

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.