19-03-15

Patriottisch vuur van de boeren in 1790

"Op 12 juni 1790 om 10.30 uur arriveerden in Brussel een groot aantal inwoners van verschillende dorpen, te weten Groot en Klein Willebroek. Ze werden voorafgegaan door een detachement dragonders, vrijwilligers van Brussel, en door trompetten en pauken; ze waren gekleed in de livrei van deze stad. Ze werden vergezeld door een mooie muziekkapel die ze hadden meegenomen. Na de muzikanten volgden enkele jongens die een standaard droegen, waarop men lezen kon:

DE HEREN STATEN ZIJN ONZE VADERS
DE VONCKISTEN ZIJN VERRADERS

Dit laat zien hoezeer advocaat Vonck en zijn aanhangers in ongenade waren gevallen, zelfs op het platteland, waarvan ze snoefden dat ze er veel aanhangers hadden.

Men las op een ander plakkaat:

WILLEBROEK HEEFT 'T SPEL BEGOST
SIJ VOLHERDEN KOST DAT KOST

Inderdaad, de inwoners van Willebroek waren bij de eersten om de wapens op te nemen voor de verdediging van de constitutie en de privilegies van de religie.

Deze inwoners waren ten getale van 6 à 700, waarvan 60 te paard. Onder hen waren meerdere matrozen en schippers, sterke en robuuste mannen, bijna allen gewapend met geweren."

(uit het Frans vertaald vanuit: GERARD, Journal des troubles des Pays-Bas, 1790, dl. IV, p. 125-126)

"Op 30 juni 1790 zag men in Brussel de inwoners van verschillende dorpen arriveren. De eersten die aankwamen waren die van Lovenjoel. Ze werden gevolgd door de inwoners van Vertrijk, Boutersem, Binkom, Holsbeek, Linden, Pellenberg, Breissem, Attenrode, St.-Joris-Winge, St.-Pieters-Rode, Kortijk, Kerkom en van enkele andere dorpen, die in de buurt van genoemde dorpen liggen. Ze vormden een korps van 4 à 5000 man, waarvan 4 à 500 te paard. Een aantal van die dorpen liggen in het kwartier van Brabant, dat men het Hageland noemt, waarvan de inwoners altijd gekend waren om hun onverschrokkenheid, en en die door hun buren gevreesd werden.

Omstreeks één uur in de namiddag kwamen de inwoners van Berlaar, een groot dorp, gelegen in het kwartier van Antwerpen. Ze waren ten getale van 1500, waarvan ongeveer 200 te paard, en een mooi korps van vrijwilligers, ongeveer van dezelfde grootte, die rode kragen en omslagen droegen. Ze hadden bij hen een vlag met een kruis, met de inscriptie:

IN DIT TEKEN ZULT GIJ OVERWINNEN

Op de andere kant waren kanonnen en andere wapens geschilderd, met de woorden:

AANGENAAM IS HET TE STERVEN VOOR HET VADERLAND

De vrijwilligers van Berlaar waren zeer goed geoefend in het hanteren van de wapens. Voor het gebouw van het Congres deden ze verschillende militaire manoeuvres, en ze beloofden zich naar het patriottisch leger te begeven. Vermits hun aanwezigheid daar op het moment niet nodig was, dankte men hen voor hun goede wil en drukte men hen op het hart zich te blijven toeleggen op militaire exercities."

Uit het Frans vertaald vanuit: GERARD, Journal des troubles des Pays-Bas, 1790, dl. IV, p. 285-286. Zie over de eindeloze stoeten van plattelandsbewoners, die hulde brachten aan de Staten in juni-juli 1790 o.a. J. VERBESSELT, Van Revolutie tot Concordaat (1787-1801). Verzet en collaboratie in Brabant, in: Eigen Schoon en de Brabander, 1989, p. 281-322; A. HENNE en A. WAUTERS, Histoire de la ville de Bruxelles, 1845, dl. II, p. 389 e.v.

16:24 Gepost door Hagelandia | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.